azdelta  
                          
AZ Delta Roeselare    
Campus Wilgenstraat   Campus Brugsesteenweg Tel.  051-23.70.22
Wilgenstraat 2 Brugsesteenweg 90 Fax. 051-23.79.77
8800 Roeselare 8800 Roeselare  
webmaster: glen.forton@azdelta.be

Een woordje uitleg over:
- oorproblemen en   -operaties
- neusproblemen en -operaties
- sinusproblemen en -operaties
- duizeligheid
- oorsuizingen
- allergieën
- snurken en oplossingen
- schildklierproblemen
- stemproblemen
- keel- en stembandkanker

 

 
 
Snurken, slaapapnoe syndroom en oplossingen


De slaap is niet zo’n eenvoudig proces dan de meeste mensen denken. Slapen is namelijk een bijzonder actieve gebeurtenis. Vroeger dacht men dat de slaap een soort comateuze toestand was en bijgevolg niet zo belangrijk. Nu weet men dat er zich heel wat afspeelt tijdens de slaap en dat deze heel belangrijk is.
Er zijn meerdere voorbeelden die kunnen aantonen welke schade een slechte slaap kan aanrichten: verkeers-en werkongevallen, gezondheidsproblemen,…
Gelukkig gaat er steeds meer aandacht naar het onderzoek van de slaap. In centra voor klinisch slaaponderzoek onderzoekt men de slaap en tracht men slaapstoornissen te behandelen


Slaapstoornissen
Er zijn tientallen slaapstoornissen.

  • Slaapstoornissen die veroorzaakt worden door externe invloeden zoals lawaai, stress, alcohol, voedsel,…
  • Een slaapstoornis kan ook het gevolg zijn van een abnormale ademhaling of abnormale bewegingen. Men kan ook van bij de geboorte een slechte slaper zijn.
  • Personen die in ploegen werken of vaak reizen en bijgevolg verschillende tijdzones doorkruisen, hebben eveneens dikwijls te kampen met slaapmoeilijkheden.
  • Slaapwandelen, roepend wakker schrikken, tandenknarsen en dergelijke, zijn gedragingen die slaapverstorend kunnen werken (voor u of uw partner!) en bijgevolg vermoeidheid overdag bezorgen.

Snurken
Wat is snurken?
Snurken is een geluid dat wordt veroorzaakt door het trillen van de slijmvliezen in de keelholte. Spontaan doet dit geluid zich enkel voor tijdens de slaap en meestal tijdens het inademen.

Waardoor treedt snurken op?
Onder normale omstandigheden zorgen de spieren van de keelholte ervoor dat de keelholte open blijft tijdens de slaap en er een normale doorgang is van de ingeademde lucht. Wanneer deze spieren minder actief zijn of er afwijkingen zijn in de structuur van de keelholte die de normale doorgang van de ingeademde lucht bemoeilijken, zal de luchtstroom turbulent worden. Hierdoor begint het slijmvlies van de keelholte te trillen en treden snurkgeluiden op.
Wanneer de keelholte nog sterker vernauwt en de luchtweg als het ware dicht gaat, treedt een adempauze (apnoe) op.

Wie snurkt er?
Snurken komt zowel voor bij kinderen (vooral kleuters) als bij volwassenen. Bij de volwassenen komt snurken frequenter voor bij mannen dan bij vrouwen (verhouding 1/10) en het neemt toe naarmate men ouder wordt.

Welke zijn de oorzaken van snurken?
De meest voorkomende oorzaak van snurken bij kinderen is een abnormale vergroting van de keelamandelen en/of de "poliepen" (adenoïd). Minder frequent, is het snurken het gevolg van een aangeboren afwijking van het aangezicht of een neurologische stoornis.
Bij de volwassenen is de oorzaak van het snurken meestal het gevolg van verschillende factoren: afwijkingen van de neus/keelholte, leeftijd, overgewicht, hormonale factoren, gebruik van alcohol, gebruik van medicatie met spierverslappende neveneffecten, roken.

Afwijkingen van de neus/keelholte:
* Neus: scheefstand van het neustussenschot (aangeboren of door een trauma), abnormale zwelling van het neusslijmvlies (door allergie of verkoudheid), neuspoliepen, sinusitis
* Keel: zwelling van de huig, vergroting van de amandelen, abnormaal grote tong.
Leeftijd:
Snurken komt meest voor op middelbare leeftijd. De kans op snurken neemt toe met het ouder worden tot ongeveer 60 à 65 jaar, waarna het risico weer terug vermindert.
Overgewicht:
Er is een duidelijk verband tussen de mate van overgewicht en het optreden van snurken. Vooral vetopstapeling ter hoogte van de hals speelt hierbij een rol.Hormonale factoren:
Het optreden van snurken wordt beïnvloed door afwijkingen in de hormoonhuishouding: te weinig schildklierhormoon, teveel groeihormoon. Bij vrouwen is er een verhoogd risico na de menopauze door de verminderde aanwezigheid van vrouwelijke hormonen.
Gebruik van alcohol:
Het drinken van alcohol tijdens de avonduren verhoogd het risico op snurken en adempauzes tijdens de daaropvolgende slaap. Dit effect is reeds aanwezig vanaf 0.07g/dl. Alcohol doet de spieren die de keelholte openhouden verslappen en stoort ook de ademhalingscontrole tijdens de slaap.
Gebruik van medicatie met spierverslappend effect:
Bepaalde medicijnen (vnl. slaapmedicatie - benzodiazepines) bevorderen het optreden van snurken omdat ze de spieren die de keelholte moeten openhouden tijdens de slaap, doen verslappen.
Roken:
De ingeademde rook prikkelt het slijmvlies in de keelholte. Dit geeft aanleiding tot zwelling van het slijmvlies, wat het optreden van snurken bevordert.

Wanneer is snurken een probleem?

Snurken als sociaal probleem:
Snurkgeluiden variëren in intensiteit van 40 tot meer dan 80 decibel. De maximale toelaatbare grens voor nachtelijk geluid in de woning bedraagt 45 decibel. Luid snurken kan de oorzaak zijn van een gestoord slaappatroon bij de bedpartner of bij de patiënt zelf. Dit leidt dan tot spanningen binnen een relatie en soms noodzaak tot apart slapen.
Snurken als medisch probleem:
Snurken kan de oorzaak zijn van een gestoord slaappatroon bij de snurkende persoon en hierdoor aanleiding geven tot niet-recuperatieve slaap, overmatige slaperigheid overdag en concentratiestoornissen. Deze kunnen op hun beurt verantwoordelijk zijn voor werk-en verkeersongevallen.
Snurken is ook een van de hoofdsymptomen van obstructief slaapapnoe syndroom. Deze aandoening wordt gekenmerkt door het herhaald voorkomen van adempauzes (apnoes) tijdens de slaap.
De laatste jaren zijn er verschillende studies die hebben aangetoond dat luid en storend snurken, een verhoogd risico inhoudt voor hart en vaatziekten, potentiestoornissen,….

OSAS of Obstructief Slaap-Apnoe Syndroom

Wat is slaapapnoe?
Men spreekt van een apnoe als er gedurende de slaap een onderbreking van de ademhaling optreedt gedurende ten miste tien seconden. Men maakt een onderscheid tussen obstructieve, centrale en gemengde apnoes:

Bij een obstructieve apnoe is de adempauze het gevolg van het afsluiten (obstructie) van de neus/keelholte. Tijdens de adempauze gaan de ademhalingsbewegingen van borst en buik gewoon verder.
Bij een centrale apnoe valt de stimulatie om te ademen vanuit de hersenen gedurende een korte periode weg. Er treden dan geen ademhalingsbewegingen meer op.
Een gemengde apnoe begint als een centrale apnoe en eindigt als een obstructieve apnoe.
Bij een hypopnoe is er een belangrijke vermindering van de ingeademde luchtstroom (met minstens 50%) zonder dat er een volledige onderbreking optreedt.

Wanneer spreekt men van slaapapnoe syndroom?
Het aantal apneas en hypopneas per uur slaap wordt uitgedrukt in een index: de apnea/hypopnea index (AHI) en de respiratory disturbance index (RDI). Als de RDI groter is dan 10 en/of de AHI groter is dan 20 spreekt men van een slaapapnoe syndroom

Wat zijn de mogelijke gevolgen van slaapapnea syndroom?
Het frequent voorkomen van adempauzes of vermindering van de ingeademde lucht geeft aanleiding tot een afname van het zuurstofgehalte in het bloed tijdens de slaap, tot schommelingen van de bloeddruk en van het hartritme en ook tot een gestoord slaappatroon. Immers, om het normale ademritme te hernemen zal de persoon kortdurend wakker worden. Dit wakker worden duurt slechts enkele seconden en wordt zelden bewust waargenomen, doch is een oorzaak van een oppervlakkige slaap en een minder goede slaapkwaliteit. Overdag manifesteert zich dit als slaperigheid, concentratiestoornissen, geheugenproblemen of prikkelbaarheid en humeurigheid.
Het optreden van onregelmatigheden in het ademhalingspatroon kan ook leiden tot stoornissen in de hormoonhuishouding, oa. van de hormonen die zorgen voor een normale vochtbalans (dit leidt tot frequent plassen tijdens de nacht) en geslachtshormonen (met als mogelijk resultaat een vermindering van het libido).

Is een slaapapnoe syndroom gevaarlijk?
Personen die leiden aan het slaapapnoe syndroom hebben een verhoogd risico op aandoeningen van hart- en bloedvaten (hoge bloeddruk, hartinfarct, onregelmatigheden van het hartritme, hersenbloeding). Bovendien is er een duidelijk verhoogd risico op werk-en verkeersongevallen door de overmatige slaperigheid en de concentratiestoornissen.
Wanneer een adequate behandeling wordt toegepast en het ademhalings- en slaappatroon terug normaal wordt, verdwijnen ook deze risicofactoren.

Wanneer is een onderzoek nodig? (zie ook de vragenlijsten)
Wanneer het snurken meerdere nachten per week voorkomt, aanleiding geeft tot een gestoorde nachtrust van de partner (sociaal storend snurken) of gepaard gaat met abnormale slaperigheid tijdens de dag, is het aangewezen om een arts te raadplegen. Ook wanneer de partner regelmatig adempauzes opmerkt of iemand veel hinder heeft van slaperigheid overdag zonder duidelijk tekort aan nachtrust, is verder onderzoek aangewezen.

Wie moet men raadplegen?
De huisarts is de eerste contactpersoon bij een snurkprobleem. Deze kan nagaan of er bepaalde risicofactoren aanwezig zijn zoals overgewicht, gebruik van medicatie, roken of alcoholgebruik etc. De huisarts kan de patiënt dan verder verwijzen naar een specialist (neus-keel-en oorarts en/of longarts) of rechtstreeks een slaaponderzoek aanvragen.
De neus-keel- en oorarts zal een grondig onderzoek uitvoeren van de neus-keelholte dan wel een slaapendoscopie uitvoeren om na te gaan of er bepaalde structurele afwijkingen aanwezig zijn die het optreden van snurken in de hand werke. De longarts is van zijn kant oa. verantwoordelijk voor het slaaponderzoek.

Het slaaponderzoek
Waarom?
Een slaaponderzoek is erg nuttig om de exacte diagnose van Uw slaapprobleem te bepalen. Vaak denkt men te weten waar zijn slaapprobleem vandaan komt en dan blijkt vaak na slaaponderzoek dat er meerdere en soms onverwachte factoren de slaap blijken te verstoren. Men weet nu eenmaal zelf niet wat er precies gebeurt tijdens de slaap en de partner (of ouder) merkt ook niet altijd alles op. Pas wanneer men zeker is van de diagnose kan het probleem adequaat behandeld worden.

Wat is een slaaponderzoek?
Tijdens een slaaponderzoek worden verschillende parameters die informatie kunnen geven omtrent de ernst van het snurken en/of het slaapapnoe syndroom geregistreerd: de kwaliteit van de slaap, de ademhaling tijdens de slaap, snurkgeluiden, het hartritme en het zuurstofgehalte in het bloed. Men tracht hierbij, in de mate van het mogelijke, de "natuurlijke" slaap te in kaart te brengen (dwz. de patiënt krijgt geen medicatie om te slapen, gezien dit de metingen kan beïnvloeden).

Praktisch?
Voor het slaaplabo is er in Roeselare een samenwerkingsverband tussen het Heilig-Hartziekenhuis en het Stedelijk Ziekenhuis. Het slaaplabo bevindt zich in het Stedelijk Ziekenhuis. De onderzoeksgegevens van de patiënten die vanuit het Heilig Hartziekenhuis worden verwezen, worden echter wel door Dr. Bouckaert,longarts in het Heilig Hartziekenhuis, uitgelezen en geînterpreteerd.

Stedelijk Ziekenhuis
Brugsesteenweg 90
8800 ROESELARE
Tel. voor afspraak slaaplabo: 051/23.62.73

Hier een te downloaden pdf-bestand met de praktische info en vragenlijst van de pneumologen

 

Hoe kan men snurken of slaapapnoe behandelen?
Occasionele snurkers zijn vaak geholpen met eenvoudige middeltjes: vermijden van alcoholgebruik tijdens de avonduren, vermijden van rugligging, gebruik van neusklevers (als snurken het gevolg is van een verkoudheid of allergie), gewichtscontrole.
Deze middelen zijn meestal onvoldoende bij hevige snurkers of personen met sociaal storend snurken. In dit geval is het vooral het neus-keel-ooronderzoek dat bijkomende informatie zal verschaffen. Wanneer duidelijke afwijkingen kunnen worden vastgesteld in de neus-keelholte kan men trachten deze te corrigeren.

Heelkundige ingrepen voor de behandeling van snurken en/of slaapapnea syndroom:

Heelkundige ingrepen ter hoogte van de neus:

Vele patiënten met snurken of obstructief slaap apnea syndroom hebben neusproblemen zoals een afwijking van het neustussenschot, abnormale zwelling (hypertrofie) van het neusslijmvlies, neuspoliepen (polyposis nasi) of sinusitis. Deze afwijkingen resulteren meestal in een bemoeilijkte neusademhaling en een gevoel van neusverstopping. Het opheffen van de neusobstructie geeft slechts in zeldzame gevallen een verbetering of genezing van obstructief slaap-apnoesyndroom. Wat betreft het snurken kan een vermindering van de snurkgeluiden met 10 decibel verwacht worden na een neusoperatie. Neuschirurgie heeft vooral tot doel de neusdoorgankelijkheid te normaliseren en de neusademhaling te verbeteren. Wanneer de klacht van neusverstopping onvoldoende verbetert met medicatie, is een heelkundige ingreep wellicht aangewezen.

a. septoplastie: correctie van het neustussenschot.
Bij deze ingreep worden de verschillende delen van het neusseptum vrijgemaakt en rechtgezet. Bij een septorhinoplastie wordt ook de uitwendige neuspyramide gecorrigeerd om de normale functie van de neusholte te herstellen. Verwikkelingen komen bij deze ingreep slechts zelden voor (< 1%).
b. verminderen van hypertrofisch slijmvlies ter hoogte van de neusschelpen.
Het is mogelijk om de hoeveelheid slijmvlies te verminderen ter hoogte van de neusschelpen door littekenvorming te induceren. Dit kan men realiseren door radiofrequentie-ablatie of door een deel van de onderste neusschelp te verwijderen. Het doel van deze ingreep is het abnormaal toegenomen volume van de neusschelp te normaliseren.
c. Het behandelen van sinusitis, al of niet gepaard met neuspoliepen gebeurt door middel van endoscopische technieken. Hierbij beoogt men voornamelijk de verluchting van de verschillende sinusholten te herstellen (zie elders op deze website)..

Heelkundige ingrepen ter hoogte van de keelholte:
De meest toegepaste en meest efficiënte behandeling is het wegnemen van de huig en eventueel van de keelamandelen. De ingreep die bij uitstek werd ontworpen als behandeling voor snurken, is de uvulopalatopharyngoplastie (UPPP). Bij deze ingreep wordt het slijmvlies ter hoogte van de zijkanten van de keelholte tesamen met een deel van het zachte verhemelte en de huig verwijderd. Nadien worden de resterende slijmvliezen ter hoogte van de keel aangespannen door verschillende hechtingen. Indien nog aanwezig, worden ook de keelamandelen mee verwijderd. Het resultaat van deze operatie beoogt meer ruimte te creëren in de keelholte. Bovendien worden de wanden van de keel door het opspannen stijver gemaakt, zodat luchttrillingen in de keel (en dus snurkgeluiden) minder snel zullen optreden. Bij deze ingreep blijven de spieren die zorgen voor de functie van het zachte verhemelte bewaard.
Men is het er algemeen over eens dat UPPP een zeer doeltreffende heelkundige behandeling is voor patiënten die enkel snurken. In 90-95% van de gevallen is er een sterke vermindering of eliminatie van het snurken en meestal verbeteren ook de klachten van overmatige slaperigheid overdag. Wanneer het snurken zo luid is dat de partner niet meer in dezelfde kamer kan slapen en het slaaponderzoek bevestigt de aanwezigheid van luid snurken en een verstoord slaappatroon, dan is er zeker een indicatie voor UPPP.
Vooral in de eerste dagen na de ingreep ondervinden de patiënten flink wat pijn, hinder bij het slikken en soms overvloedige speekselsecretie. Bij snel drinken kan er vocht naar de neus terugvloeien (nasale reflux). Deze euvels kunnen echter met eenvoudige middelen verholpen worden en verdwijnen meestal spontaan na enkele weken. Nevenwerking en op lange termijn zijn zeldzaam: blijvende nasale reflux, wijziging in de uitspraak van bepaalde klanken of een te sterke vernauwing van de overgang neus-keel.

Als alternatief voor de klassieke vorm van UPPP, minder ingrijpend en bestemd voor de snurkers zonder OSAS, werd de somnoplastie ingevoerd. Bij deze techniek wordt in verschillende sessies selectieve weefselschade toegebracht ter hoogte van het weke verhemelte door middel van hoogfrequente radiogolven. Hierdoor ontstaat een gecontroleerde littekenvorming die als gevolg heeft dat de huig hoger opgetrokken wordt en de verschillende structuren in de keel minder snel gaan fladderen tijdens de slaap. Er zijn gemiddeld 3 sessies nodig om het gewenste resultaat te bereiken.
Dezelfde techniek wordt ook aangewend ter hoogte van de tongbasis als het niveau van obstructie zich voornamelijk hier bevindt.

Heelkundige technieken bij kinderen.
Te grote amandelen en poliepen (adenoïd) zijn de meest voorkomende oorzaak van snurken en obstructief slaapapnoesyndroom bij kinderen. Het wegnemen van de amandelen en de poliepen, de adenotonsillectomie, resulteert in een volledig verdwijnen van de snurk- of apnoeproblemen in 90% van de gevallen, op voorwaarde dat er geen andere afwijkingen aanwezig zijn.
Té grote keelamandelen op zich, zijn eerder zelden de hoofdoorzaak van slaapapnoe bij volwassenen, maar in bepaalde gevallen is wegname ervan aangewezen.

Prothesen in de mond.
In een aantal gevallen is het mogelijk het snurkprobleem op te lossen door een specifieke prothese aan te passen die de snurkende persoon tijdens de slaap in de mond moet dragen. Deze prothese beïnvloedt de positie van de tong en/of de onderkaak tijdens de slaap en verhindert aldus het snurken. De indicatie voor deze behandeling wordt gesteld in samenspraak met een orthodontist.

Continue positieve drukbeademing (CPAP).
Deze behandeling is de meest toegepaste en meest efficiënte therapie voor patiënten met matig tot ernstig slaapapnoe syndroom. Hierbij draagt de patiënt tijdens de slaap een masker op de neus. Dit masker is via een slang verbonden met een toestel (compressor) die lucht (na filtering) onder een bepaalde positieve druk in de neus/keelholte blaast. Hierdoor wordt de keelholte als het ware opengespalkt en kan er geen afsluiting of trillen van de slijmvliezen meer optreden. De druk die het toestel moet genereren varieert van persoon tot persoon en wordt bepaald tijdens een slaaponderzoek (polysomnografie).
Een behandeling met CPAP wordt door het RIZIV volledig terugbetaald wanneer het aantal apneas/hypopnoes per uur slaap groter is dan 20 en er een zekere graad van gestoord slaappatroon aanwezig is.
Wanneer het CPAP toestel adequaat is afgesteld, resulteert deze behandeling in een normalisatie van de ademhaling en een herstel van een normaal slaappatroon. Nochtans wordt deze behandeling niet steeds goed verdragen door de patiënt (of de partner). Een minder goede therapietrouw is meestal het gevolg van neusklachten, claustrofobie, lawaai van het toestel, vermindering van de intimiteit etc.

 

 

 

 
 


snurken en obstructief slaap-apnoesyndroom

 

snurken

Klik hier om de pdf brochure te downloaden